|
In de tweede week van juli maakte het kabinet bekend 25 miljoen Euro vrij te maken voor een vijfjarig onderzoeksprogramma 'Towards Biosolar Cells'. Het betreft een samenwerkingsverband tussen Wageningen Universiteit en Researchcentrum, Universiteit Leiden, Vrije Universiteit Amsterdam, Rijksuniversiteit Groningen, Technische Universiteit Delft en de Universiteit van Amsterdam, dat een bijdrage gaat leveren aan duurzame energie, verbetering van de voedselvoorziening en duurzame biomassa. Het programma Towards Biosolar Cells volgt een drietal sporen:
1. Het verhogen van de fotosynthetische efficiëntie van planten. Het resultaat is dat er meer biomassa per hectare wordt geproduceerd voor energie of voedsel (bijvoorbeeld meer, grotere of zwaardere planten).
2. De directe productie van biobrandstoffen zonder dat de biomassa (planten) geoogst hoeft te worden. Resultaten zijn bijvoorbeeld fotosynthetische cyanobacteriën of algen die butanol (een alcohol vorm dat als biobrandstof kan dienen) produceren.
3. Het combineren van natuurlijke en technische onderdelen. Het resultaat is een zonnecollector die brandstof levert in plaats van elektriciteit.
(LNV Persbericht, 10 juli 2009).
Deze week maakte ExxonMobil, qua omzet ná Shell de grootste onderneming ter wereld, bekend een samenwerkingsverband aan te gaan met Synthetic Genomics gericht op de ontwikkeling van biobrandstof uit algen. De oliemaatschappij gaat de komende zes jaar meer dan 600 miljoen dollar in deze technologie investeren (ExxonMobil Press Release, July 14, 2009). Synthetic Genomics, dat wordt geleid door Craig Venter, bekend geworden door zijn bijdrage aan het sequencen van het humaan genoom, richt zich onder meer op het ontwikkelen van geoptimaliseerde, synthetische metabole routes in micro-organismen en algen.
Net als de Amerikaanse automobielindustrie heeft ExxonMobil lange tijd geweigerd om substantieel te investeren in innovaties gericht op vermindering van de CO2-uitstoot. Volgens de London School of Economics heeft de oliemaatschappij de afgelopen jaren enkele honderdduizenden dollars gedoneerd aan groepen die klimaatverandering in twijfel trekken, zoals de Heritage Foundation en de Atlas Economic Foundation (Yahoo News, July 3, 2009).
Andere grote oliemaatschappijen als Shell en BP hebben al veel eerder besloten om in te zetten op de ontwikkeling van biobrandstoffen.
BP besloot twee jaar geleden om tot 2017 500 miljoen dollar te investeren in het Energy Biosciences Institute, een samenwerkingsverband met de University of California Berkeley, de University of Illionois en het Lawrence Berkeley National Laboratory. Hier is het onderzoek gericht op het ontwikkelen van geschikte gewassen als Miscanthus en Switchgrass en fermentatieprocessen voor de productie van biobrandstoffen. Daarnaast stopt de Britse oliegigant 400 miljoen dollar in een samenwerking met DuPont en Associated British Foods (eiegnaar van British Sugar) voor de ontwikkeling van een grote bioethanolfabriek in Hull (BP Press Release, 26 June 2007). Recent ging BP een joint-venture aan met Verenium Corporation voor de productie van cellulose bioethanol uit grassen (BP Press Release, 18 February 2009) en gaf de Europese Commissie haar goedkeuring aan een joint-venture van BP en DuPont (Europa Nu, 8 juli 2009).
Het Nederlandse Shell richt z'n pijlen op diverse opties. Het bedrijf heeft een aandeel in het Duitse Choren, dat zich richt op houtvergassing met behulp van het door Shell ontwikkelde Fischer Tropsch procédé. Het hiermee verkregen 'syngas' kan met behulp van Shell's Middle Distillate Synthesis technologie worden omgezet in vloeibare biobrandstof (Shell Media release, 17 August 2005). Sinds 2002 heeft Shell een belang in het in Canada gevestigde Iogen, dat zich richt op de ontwikkeling van bioethanol uit cellulose (tweede generatie biobrandstoffen). In 2006 besloot Shell om in samen met Volkswagen en Iogen in Duitsland een proeffabriek voor de productie van bioethanol uit cellulose (stro) te bouwen (Shell News, 10 Januar 2006) en in 2008 werd besloten de ontwikkeling en toepassing van bio-ethanol uit cellulose te versnellen (Shell Persbericht, 15 juli 2008). Een samenwerkingsverband met het Texaanse Codexis moet de verbeterde enzymen leveren die nodig zijn om de tweede generatie bioethanol commercieel mogelijk te maken (Codexis, November 16, 2006). Cellana is een joint-venture van Shell en HR Biopetroleum uit Hawaii. Begin januari 2008 is Cellana gestart met de bouw van kweekbassins voor algen, voor de kust van Big Island (Shell News and Media Releases, 11 December 2007).
Opvallend is dat de oliemaatschappijen een duidelijke voorkeur hebben voor biobrandstoffen als het om alternatieve energiebronnen gaat. Volgens de Britse krant the Guardian heeft Shell dit voorjaar besloten niet langer in waterkracht, wind- en zonne-energie te investeren (Guardian, 17 March 2009). Biobrandstoffen passen beter in het bestaande bedrijfsmodel van olieraffinage en -distributie.
Merr informatie over Towards Biosolar Cells is te vinden op: https://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/nieuws/biosolar.htm
|